
Een atheïstische variant op Pasen:
DE DOOD VAN SOCRATES
De dood van Socrates kan worden gezien als het beginpunt van de filosofie zoals wij die kennen. Zijn sterven werkte als een soort oerknal: een gebeurtenis die een blijvende schokgolf veroorzaakte. Zijn veroordeling en executie riepen reacties op die te vergelijken zijn met de impact van de dood van Jezus Christus, ruim vier eeuwen later. Niet alleen zijn directe leerlingen, maar ook generaties filosofen na hem hebben zich tot zijn dood verhouden.
In het voorjaar van 399 vóór onze jaartelling werd Socrates aangeklaagd in het klassieke Athene. Men verweet hem dat hij de goden van Athene niet erkende en de jeugd zou bederven. Socrates verdedigde zijn rol in de stad als lastig, maar noodzakelijk. Hij vergeleek zichzelf met een horzel die een traag paard prikkelt om het wakker en scherp te houden.
Een kleine meerderheid van de jury vond hem schuldig. De aanklager eiste de doodstraf, maar Socrates kreeg de kans een alternatief voor te stellen. Juist op dat moment dreef hij de zaak op scherp. Hij leek wel bewust te kiezen voor de dood, in plaats van in te binden.
Het vonnis luidde dat hij moest sterven door het drinken van een gifbeker. De laatste uren bracht hij door met zijn vrienden. Er werd gesproken, gedacht en zelfs gelachen. Plato beschreef deze scène later in de dialoog Phaedo.
Toen het moment daar was, kwam de gevangenbewaarder de wijn vermengd met gif brengen. Rustig dronk Socrates hem leeg. Voor zijn vrienden werd het ondraaglijk: één voor één werden ze door emoties overmand, ondanks zijn oproep om rustig te blijven.
Socrates liep nog een tijdje rond, totdat hij voelde dat zijn benen zwaar werden. Daarna ging hij liggen. Zijn voeten werden koud en gevoelloos, gevolgd door zijn benen en langzaam zijn hele lichaam. Toen de kou zijn buik bereikte, richtte hij zich nog één keer tot Kriton: “Wij zijn Asclepius een haan verschuldigd. Breng hem dat, en vergeet het niet.”
“Het zal gebeuren,” antwoordde Kriton. “Maar wil je nog iets anders zeggen?”
Socrates gaf geen antwoord. Toen men zijn mantel optilde, was zijn blik star geworden. Hij was dood.

Nederlands















