Sabitlenmiş Tweet

Tussen het puin van het paleis: een brief van de keizer.
Aan u, eerbiedwaardige nachtegaal,
Lang, heel lang heeft uw zang weerklonken in de tuinen van mijn paleis. Wanneer de ochtendnevel tussen het bamboe hing en de vijver het eerste licht van de dag ontving, vertelde uw zang het verhaal van deze plaats. Geen hofmuzikant, geen instrument van goud of jade kon mijn hart raken zoals uw kostbare lied.
Ik moet u bekennen dat ik dit pas ten volle begreep toen uw stem verstomde en ik mij omringd zag door pracht die in stilte straalde. Wat door mensenhand wordt gemaakt kan schitteren, maar slechts dat wat vrij geboren is kan werkelijk tot de ziel spreken.
Nu valt stilte over deze plek. De muren die ooit mijn rijk omgaven zullen verdwijnen, en de paden waarlangs hovelingen wandelden worden weer aarde. Toch weet ik dat dit geen einde is. Want een lied dat door de wind gedragen wordt behoort niet tot een paleis, maar tot de wereld.
Daarom dank ik u, nachtegaal, voor wat u mij hebt geleerd. Uw zang heeft mij getoond dat ware schoonheid zich niet laat bevelen, noch opsluiten.
Moge uw vleugels u dragen waar bamboe ritselt in de avondwind en waar heldere maan over het water valt. En mocht uw lied ooit weer langs deze plaats zweven, dan zal het worden ontvangen met een hart dat eindelijk heeft leren luisteren.
Met eerbied en dankbaarheid,
De Keizer

Nederlands


















