▪️ᴠɪᴄᴛᴏʀ ᴠᴀɴ ʜᴏɴᴋ ▪️
1.3K posts

▪️ᴠɪᴄᴛᴏʀ ᴠᴀɴ ʜᴏɴᴋ ▪️
@vvhonk
challenge the crisis
amstelveen Katılım Haziran 2010
240 Takip Edilen123 Takipçiler
▪️ᴠɪᴄᴛᴏʀ ᴠᴀɴ ʜᴏɴᴋ ▪️ retweetledi

Een ochtendcolumn
Het internationale recht is geen vrijbrief om weg te kijken.
Het beroep op het internationaal recht klinkt principieel, maar verhult dat dit recht wordt bewaakt door dezelfde veto-houders die het schenden. Wie na de Amerikaanse inval in Venezuela onmiddellijk zegt dat Amerika het internationale recht schendt, miskent dat dit recht juist is ingericht om machten als Amerika te legitimeren.
Kenneth Waltz zou hier weinig verbaasd over zijn geweest. In zijn analyse is het internationale systeem geen morele gemeenschap, maar een ordening tussen machtsblokken. Staten zijn formeel gelijk, maar feitelijk ongelijk, en het recht is een afgeleide van die machtsverhoudingen. Het is geen norm die door alle landen wordt gedragen, laat staan door alle volkeren, maar een werkafspraak tussen grootmachten om onderlinge escalatie te voorkomen.
Dat verklaart waarom het systeem rust op veto’s. De Verenigde Staten, China en Rusland zijn tegelijk deelnemers, scheidsrechters en uitzonderingen. Dat Rusland, terwijl het moordend door Oekraïne trekt, vetorecht heeft in de Veiligheidsraad, is geen ontsporing maar een logisch gevolg van de constructie. Het internationale recht is niet bedoeld om zulke macht te corrigeren, maar om haar in te kapselen.
Wie dit systeem verdedigt als moreel kompas, verdedigt in feite een machtsbalans. Dat hoeft niet cynisch te zijn, maar het vraagt wel om eerlijkheid. Dit is geen recht dat wereldwijd is bekrachtigd of democratisch gelegitimeerd. Het is een naoorlogs compromis, gesloten op een moment dat grote delen van de wereld nog geen stem hadden. De koloniale wereldorde werd vervangen door een juridische, maar de hiërarchie bleef.
In dat licht krijgt de morele verontwaardiging over rechtsschendingen iets ongemakkelijks. Politici die zich onmiddellijk verschansen achter het internationaal recht, handelen begrijpelijk, maar ook afstandelijk. Ze beroepen zich op een systeem dat regimes beschermt zolang zij binnen hun grenzen blijven, zelfs wanneer die regimes martelen, moorden en hun bevolking terroriseren. Het recht fungeert dan niet als grens, maar als schild.
Welke rechtgeaarde politicus kan dat werkelijk goedkeuren? Misschien niemand expliciet. Maar door het systeem als moreel eindpunt te blijven presenteren, wordt het impliciet aanvaard. De menselijke verplichting om misdaden te benoemen en te willen beëindigen, wordt uitbesteed aan een recht dat daar nooit voor is ontworpen.
Dat is geen pleidooi tegen het internationale recht. Het is een pleidooi tegen de illusie dat dit recht universeel, neutraal of rechtvaardig is. In Waltziaanse zin beschermt het vooral de orde tussen machtsblokken. Wie dat erkent, hoeft het recht niet af te schrijven, maar ziet wel dat het geen morele vrijbrief mag worden om weg te kijken.
Nederlands

De AI-Fantasiebubbel: Waarom Econoom Andy Xie Waarschuwt voor een Crash Groter dan de Dot-Com Hype in 2000. Waarom de EU kan beter naar China dan naar de VS kijken (VPRO-Tegenlicht). food4innovations.blog/2025/11/10/de-…
Uithoorn, Nederland 🇳🇱 Nederlands
▪️ᴠɪᴄᴛᴏʀ ᴠᴀɴ ʜᴏɴᴋ ▪️ retweetledi

Een ochtendcolumn
Het gemeentelijke incassosysteem zonder rem.
Gemeentelijke heffingen heten technische noodzaak. Afval, riolen, gemeentelijke voorzieningen. In de praktijk zijn het geen gebruiksvergoedingen, maar een jaarlijks incassosysteem dat bezit belast en zich gedraagt als een lokale vermogensbelasting met inkomenseffect.
Dat systeem heeft inmiddels een duidelijke omvang gekregen. Volgens cijfers van Vereniging Eigen Huis betalen huiseigenaren in 2026 gemiddeld 3,9 procent meer aan gemeentelijke woonlasten. De gezamenlijke aanslag voor onroerendezaakbelasting, riool en afvalstoffenheffing komt uit op gemiddeld 1001 euro per huishouden. Voor het eerst wordt daarmee de grens van duizend euro overschreden. Niet als gevolg van een zichtbare uitbreiding van voorzieningen, maar als uitkomst van een langdurige, vrijwel geruisloze stijging.
Op papier oogt die aanslag overzichtelijk. Een deel van de heffingen is gekoppeld aan concrete diensten. Afvalstoffen en rioolheffing mogen formeel niet meer dan kostendekkend zijn. Maar dat overzicht verhult meer dan het verheldert. Slechts een deel van het totaalbedrag staat in directe relatie tot gebruik. De rest verdwijnt in de algemene middelen en wordt ingezet waar tekorten ontstaan.
Daarmee rijst de vraag waarom juist huiseigenaren deze tekorten opvangen. Het antwoord is niet principieel, maar praktisch. In de bestuurlijke logica geldt woningbezit als een stabiele en voorspelbare grondslag. Huiseigenaren zijn zichtbaar, weinig mobiel en eenvoudig te waarderen. Eigendom fungeert zo als surrogaat voor draagkracht. Niet omdat huiseigenaren meer gebruikmaken van gemeentelijke voorzieningen als de jeugdzorg, maar omdat zij het minst kunnen uitwijken.
Die logica werd urgenter naarmate gemeenten meer taken kregen, terwijl de rijksbijdrage beperkt blijft en onvoldoende meegroeit. Gemeenten moeten het verschil zelf opvangen. In plaats van een herbezinning op kosten, taken en middelen, werd gekozen voor bestuurlijke continuïteit. Lokale heffingen boden ruimte en die ruimte werd benut.
Zo veranderden gemeentelijke belastingen geleidelijk van een middel om concrete voorzieningen te bekostigen in een vangnet voor structurele tekorten. Niet door een enkele beslissing, maar door een reeks kleine verhogingen, verspreid over jaren en gemeenten. Het cumulatieve effect bleef lang buiten beeld, totdat het totaalbedrag zelf nieuws werd.
Dat effect verschilt sterk per gemeente. In sommige plaatsen blijft de aanslag beperkt, in andere loopt zij honderden euro’s hoger op. Die verschillen laten zich zelden verklaren door aantoonbaar betere dienstverlening. Ze weerspiegelen vooral hoe ruim gemeenten hun fiscale speelruimte interpreteren. Lokale belastingdruk is daarmee in hoge mate een kwestie van postcode.
Wat hier zichtbaar wordt, is een bestuursstijl die niet tot gemeenten beperkt blijft. Op elk bestuursniveau duikt dezelfde reflex op. Niet heffen omdat de kwaliteit verbetert, maar omdat de ruimte er is. Niet omdat een dienst aantoonbaar meer kost, maar omdat de grondslag het toelaat.
Besturen verwordt zo tot het beheren van mogelijkheden. De vraag wat nodig is, maakt plaats voor de vraag wat kan. Belastingen stijgen niet als gevolg van betere dienstverlening, maar omdat het systeem geen mechanisme kent dat die twee nog aan elkaar verbindt.
Belastingen ontlenen hun legitimiteit niet alleen aan de wet, maar aan betekenis. Zonder die betekenis rest slechts incasso.
Nederlands

Deze artiesten heb ik dit jaar het meest geluisterd. #SpotifyWrapped spotify.com/wrapped-share/…

Nederlands
▪️ᴠɪᴄᴛᴏʀ ᴠᴀɴ ʜᴏɴᴋ ▪️ retweetledi

@hanssepansie 1 cent weet ik niet zeker, maar deze ballenautomaten ken ik wel.
Nederlands

















